Ce diaporama a bien été signalé.
Nous utilisons votre profil LinkedIn et vos données d’activité pour vous proposer des publicités personnalisées et pertinentes. Vous pouvez changer vos préférences de publicités à tout moment.

makers en ontwerpers samen opleiden

295 vues

Publié le

  • Identifiez-vous pour voir les commentaires

  • Soyez le premier à aimer ceci

makers en ontwerpers samen opleiden

  1. 1. IMPRESSIE Rotterdam Maakstad, instituut voor industriële recreatie, is een zelfstandig initiatief, voortgekomen uit en inhoudelijk ondersteund door Designplatform Rotterdam Deze impressie is geschreven door Jeroen Deckers in samenspraak met Marieke Smit en Peter Troxler jeroen@werkdraad.nl, +31 6 24 22 79 75 1 Rondetafelgesprek bij Object Rotterdam 2015 Donderdagmiddag 5 februari van 14:00 - 16:00 uur, ss Rotterdam, Odyssee Room Op de eerste middag van designbeurs Object Rotterdam 2015 komen docenten, studieleiders, ontwerpers, publicisten, curatoren en andere ondernemers bijeen om te brainstormen rond de volgende centrale vraag: Waarom zouden makers en ontwerpers in opleiding elkaar nodig hebben? De deelnemers (zie hun foto’s, namen en achtergronden op het laatste blad van dit document) gaan met elkaar na waarom het zinvol zou zijn de maker- en de ontwerper-in- opleiding aan te moedigen om elkaar op te zoeken. Zo ja, hoe doe je dat dan? 1. In de eerste gespreksronde vertellen de deelnemers over persoonlijke ervaringen. 2. In de tweede helft zoeken zij naar praktische handvatten om opleidingen zinvol te hervormen met het oog op de maatschappelijke actualiteit. Stellingen Moderator van de middag Jeroen Deckers vraagt de deelnemers om de volgende stellingen in het achterhoofd te houden: 1. De ontwerper maakt zich los van economische condities 2. De ontwerper ziet zichzelf liever voor het beeldscherm dan in de werkplaats 3. De arbeidsdeling tussen de maker en de ontwerper is achterhaald 4. De maker streeft eigen doelen zelfstandig na 5. De maker weet dat ie altijd nodig zal zijn, in tegenstelling tot de ontwerper 6. DIY is goed voor de maker en goed voor de ontwerper Deze stellingen had hij opgesteld in samenspraak met Dingeman Kuilman en Peter Troxler Op de volgende pagina’s volgt een impressie van het gesprek. Die is niet woordelijk en ook niet volledig en evenmin conform de chronologie van het gesprek. Maar deze impressie laat wel zien in welke richting het discours zich beweegt.
  2. 2. IMPRESSIE Rotterdam Maakstad, instituut voor industriële recreatie, is een zelfstandig initiatief, voortgekomen uit en inhoudelijk ondersteund door Designplatform Rotterdam Deze impressie is geschreven door Jeroen Deckers in samenspraak met Marieke Smit en Peter Troxler jeroen@werkdraad.nl, +31 6 24 22 79 75 2 Ambiance Het gezelschap is samengekomen in de publieksruimte Odyssee Room, waar bezoekers van de beurs aan tafeltjes eten en drinken. De deelnemers zitten op banken en op een object van aan elkaar geknoopte kussens getiteld BNCQ. Dit object is een ontwerp van Heleen Lamorée, één van de exposanten van Object Rotterdam. Zij krijgt de vraag voorgelegd: hoe zit dat met jou, als je denkt aan de eerste stelling ‘de ontwerper maakt zich los van economische condities’? Lamrorée: “Ik begin vaak door deel te nemen aan een prijsvraag en niet zozeer door een opdracht vanuit het bedrijfsleven. Heel jammer dat het aantal ontwerpprijsvragen in Nederland de laatste jaren steeds verder terugloopt. Een prijsvraag vind ik een slimme manier om goede ontwerpers, producenten en afnemers bij elkaar te brengen. Bovendien, je brengt ontwerpconcepten en de ontwerpers zelf op een natuurlijke manier onder de aandacht van de media en het publiek”.
  3. 3. IMPRESSIE Rotterdam Maakstad, instituut voor industriële recreatie, is een zelfstandig initiatief, voortgekomen uit en inhoudelijk ondersteund door Designplatform Rotterdam Deze impressie is geschreven door Jeroen Deckers in samenspraak met Marieke Smit en Peter Troxler jeroen@werkdraad.nl, +31 6 24 22 79 75 3 Deel 1: persoonlijke ervaringen van de deelnemers “De maker voldoet vaak aan het clichébeeld van de goed opgeleide blanke man van middelbare leeftijd met een vaste baan, een gezin met twee kids, vol van zelfvertrouwen over zijn technisch kunnen, assertief bij belangentegenstellingen; houdt niet van mensen die ‘onzin verkopen’.” (naar: Peter Troxler) “De ontwerper voldoet vaak aan het clichébeeld van de man of vrouw die gaat over styling, over esthetiek, over het verhaal achter het ontwerp. De ontwerper functioneert als een begripvolle spider in het web te midden van alle betrokkenen, die op een participatieve co- creatieve wijze wil bijdrage aan de oplossing van grote vraagstukken.” (naar: Peter Troxler) “De praktijk in het MBO leert dat het beeld van de ‘cowboy’ in de maakindustrie op dit moment kantelt. Er lopen steeds meer leerlingen rond in het MBO die maatschappelijk geëngageerd zijn. Voor het maken van verbinding is het nodig om die veelvoudigheid te benadrukken.” (meerdere deelnemers, geparafraseerd door Jeroen Deckers) “De maker in opleiding bij het Hout- en Meubilering College kan gevoelig zijn voor niveauverschil in samenwerking met ontwerpers. Als tegenwicht voor een conceptuele ontwerpgedachte wordt dan gebruik gemaakt van de pas verworven vakbekwaamheid om gelijkheid te ervaren” (naar: Jasper Kaarsemaker) “Bij de sectie engineering van Albeda Zadkine zie je zeker veel cowboys, echte doeners. Daartussen lopen ook jongens rond die streven naar maatschappelijke meerwaarde, bijvoorbeeld het maken van een breimachine voor oudere mensen in het verzorgingshuis.” (naar: Wilco Dalhuisen) “In het wetenschappelijk onderwijs geldt dat de dingen navolgbaar, evalueerbaar en planbaar moeten zijn. Je kunt vaak niet zomaar meer prutsen en of zoeken zonder een duidelijk doel. Bij Bouwkunde hoort het maken van dingen wel tot het creatief ontwerpproces. Het maken van dingen schept ook begrip voor het bouwen en het werk van de uitvoerende partijen.” (naar: Susanne Pietsch)
  4. 4. IMPRESSIE Rotterdam Maakstad, instituut voor industriële recreatie, is een zelfstandig initiatief, voortgekomen uit en inhoudelijk ondersteund door Designplatform Rotterdam Deze impressie is geschreven door Jeroen Deckers in samenspraak met Marieke Smit en Peter Troxler jeroen@werkdraad.nl, +31 6 24 22 79 75 4 “Beeldschermen en digitale media, horen helemaal thuis in het maakatelier van de kunstenaar en de ontwerper. Wij geloven niet zozeer in een scheiding tussen de digitale wereld en maken van tastbare producten. Daarom staan bij ons op de Willem de Kooning Academie ook beeldschermen in de stations waar de studenten bezig zijn met hun handen.” (naar: Aldje van Meer) “Waar sprake is van een zekere mismatch tussen de ROC jongens en sommige ontwerpmeiden van IPO, proberen we de soms heftige cultuurverschillen naar de achtergrond te brengen door met een aansprekend project te komen, waar iedereen enthousiast van wordt.” (naar: Mirjam van den Bosch) “Bij TU-Eindhoven gooien we de studenten meteen in het diepe. Ze ontdekken hoe belangrijk het is zelf verantwoordelijkheid te nemen. Als dat lukt vinden zij hun eigen weg en leren zij al doende de betekenis van het maken te doorgronden. Zij studeren af als allrounders; ze kunnen complexe ontwerpopgaven aan en ze zijn goed met hun handen.” (naar: Arne Hendriks) “Op de Designacademy Eindhoven zijn de studenten in feite allemaal makers die vertrouwd zijn met materiaal. Centrale vraag: ‘Hoe diep kun je denken d.m.v. materiaalonderzoek?’ en ‘Hoe gevoelig ben je in je begrip van wat materiaal kan zeggen?’” (naar: Arne Hendriks) “Er is niemand die méér van de echte vakman houdt dan de persoon die goed nadenkt over ontwerp; de hiërarchische verhouding tussen de maker en de ontwerper heeft daarom ook volledig afgedaan.” (meerdere deelnemers, geparafraseerd door Jeroen Deckers) “Reparatiecultuur is maakcultuur; als we dingen moeilijk kunnen repareren dan is dat vermoedelijk het gevolg van een ontwerpcultuur waarin het maken als het ware gemystificeerd wordt. Hierin zie je ook de scheiding tussen een wegwerpmentaliteit en het verlangen naar duurzaamheid.” (naar: Joanna van der Zande) “Ontwerpers en ook makers staan vaak op grote afstand van de markt en hebben soms onvoldoende geleerd om zich (evt. samen) te presenteren of hun producten te verkopen”. (naar: Remco van der Voort)
  5. 5. IMPRESSIE Rotterdam Maakstad, instituut voor industriële recreatie, is een zelfstandig initiatief, voortgekomen uit en inhoudelijk ondersteund door Designplatform Rotterdam Deze impressie is geschreven door Jeroen Deckers in samenspraak met Marieke Smit en Peter Troxler jeroen@werkdraad.nl, +31 6 24 22 79 75 5 “In dertig jaar tijd is er in feite weinig veranderd in de ontwerp- en maakopleidingen. Dat is zorgelijk omdat de wereld blijvend in beweging is. Kan Nederland nog wel concurreren op de wereldmarkt, als er niks verandert bij de opleidingen? Optisch zijn er misschien wel wat veranderingen, bijvoorbeeld met de komst van 3d-printing, maar in feite zie je daar een herhaling van DTP-vaardigheden, maar dan in een ander jasje.” (naar: Gerbrand Bas) “Drie jaar MBO blijkt te kort te zijn om voldoende vaardigheden te leren om door te stromen naar HBO.” (naar: Willem Kars) “Het draait waarschijnlijk om zelfvertrouwen dat studenten ontwikkelen tijdens hun studie. Vanuit dat zelfvertrouwen zullen makers en ontwerpers elkaar kunnen vinden op horizontaal niveau.” (naar: Shevia Limmen) Deel 2: oplossingrichtingen tot verbinding “Laat programma’s ontstaan die er echt toe doen, bijvoorbeeld hulpmiddelen ontwerpen en maken voor mensen met een fysieke beperking. Mensen vinden elkaar dan in de urgentie: een echte gebruiker die door jouw team verder gebracht wordt in het leven”. (naar Mirjam van den Bosch) “Spreek binnen het docententeam en met studenten vaak over de urgentie van de ontwerp- en maakopgave. Daar lopen mensen warm voor. Door deze vragen te beantwoorden: ‘Wat ga je maken?’, ‘Voor wie en met wie?’, ‘Waar ga je dat doen?’ en tenslotte ‘Wanneer, wat is de planning?’, ontsluier de lastige raadsels ‘Waarom ontwerp en maak je?; wat is de urgentie?’ en ‘Hoe los je dit vraagstuk op?’” (meerdere deelnemers, geparafraseerd door Jeroen Deckers) “De mythe dat de ontwerper vooral geïnteresseerd zou zijn in mooie spulletjes moet nodig worden ontzenuwd, zeker in de hoofden van makers (in opleiding). Betekenisgeving die de ontwerper nastreeft gaat ook over vraagstukken die schreeuwen om een oplossing, waarbij esthetiek een zingevende factor van belang is.” (meerdere deelnemers, geparafraseerd door Jeroen Deckers)
  6. 6. IMPRESSIE Rotterdam Maakstad, instituut voor industriële recreatie, is een zelfstandig initiatief, voortgekomen uit en inhoudelijk ondersteund door Designplatform Rotterdam Deze impressie is geschreven door Jeroen Deckers in samenspraak met Marieke Smit en Peter Troxler jeroen@werkdraad.nl, +31 6 24 22 79 75 6 “Veranderingen in de curricula van de opleidingen bewerkstellig je sneller door studenten van maak- en ontwerpopleidingen alvast iets kleins met elkaar te laten doen dat aanspreekt, dan door de studieleider eerst een volledig beleidsproces te laten doorlopen.” (meerdere deelnemers, geparafraseerd door Jeroen Deckers) “De urgentie van ontwerp- en maakvaardigheden kun je goed zichtbaar maken door in een multiculturele wijk een werkplaats te maken waar mensen hun kapotte spullen kunnen laten repareren of spullen laten upcyclen.” (naar: Jasper Kaarsemaker) “Koppeling van makers en ontwerpers in bijvoorbeeld een wijk als Delfshaven is kansrijk vanwege de gunstige voorwaarden die aanwezig zijn: veel werkloosheid onder mensen die zin hebben om zich verdienstelijk te maken, betrekkelijk veel leegstaande panden, goede ontwerpers die hun werk nog niet kunnen opschalen, opleidingen vlak om de hoek.” (naar: Ebami Tom) “Designpatterns kunnen op zich interessant zijn als voorbeeld, maar dat aspect wordt toch wel meegenomen in bestaande curricula. Veel belangrijker is de vaardigheid van de ontwerper en van de maker om de urgentie te begrijpen en te benoemen van producten die zij ontwerpen en maken. Zij moeten bijvoorbeeld het verschil beter leren begrijpen tussen hun comfortzone en de armoede elders in de wereld.” (naar: Susanne Pietsch) “Wij leven in een failliet systeem waarin weer het zoveelste broodrooster wordt ontworpen, terwijl zich de grootste rampen voltrekken in de wereld waarin wij leven. Daar moeten studenten en docenten zich bewust van zijn, zowel van de maak- als van de ontwerpopleiding. Het huidige onderwijsaanbod lijkt daarom steeds minder relevant. Als je echt iets wilt veranderen dan moet je eerst begrijpen dat samenwerking essentieel is. Dat je met elkaar, makers en ontwerpers, op hetzelfde schip zit. Maatschappelijk engagement zou leidend moeten zijn bij ontwerp- en maakopleidingen. Daar lopen ook jonge mensen uiteindelijk warm voor.” (naar: Arne Hendriks)
  7. 7. IMPRESSIE Rotterdam Maakstad, instituut voor industriële recreatie, is een zelfstandig initiatief, voortgekomen uit en inhoudelijk ondersteund door Designplatform Rotterdam Deze impressie is geschreven door Jeroen Deckers in samenspraak met Marieke Smit en Peter Troxler jeroen@werkdraad.nl, +31 6 24 22 79 75 7 “Het is de vraag of dit maatschappelijk engagement een taak van de opleidingen is om dat bij te brengen bij de studenten. Op dit moment zijn vakdisciplines nodig die niet worden aangeboden door de bestaande opleidingen. Bedrijven zien dat en springen in dat gat: zij gaan zelf curricula ontwikkelen van opleidingen die zij desnoods zelf financieren. Zo is het destijds ook gegaan met de ontwerpopleidingen in Eindhoven. Die zijn in eerste aanleg opgezet onder invloed van Philips.” (naar: Gerbrand Bas) “Als we het niet eens zijn over het waarom, dan is het zinloos om over het hoe te beginnen. Bij het beantwoorden van de ‘waaromvraag’ zijn drie pijnlijke noties van elkaar te onderscheiden. Op de eerste plaats zijn er in onze samenleving allerlei zaken gerealiseerd die vandaag de dag niet meer kloppen: denk aan vervuilende auto’s, de sociaaleconomische verhoudingen in de wereld en het domInante bankwezen. Ten tweede gaat het om de urgentie die door sommigen wel en door anderen niet gevoeld wordt om dingen fundamenteel anders te doen dan voorheen. Ten derde is het essentieel om in onze multiculturele samenleving werkelijk begrip te hebben voor de beperkingen die de ‘eigen’ cultuur met zich meebrengen. Op die noties kan niet geantwoord worden zonder dat dit pijn gaat doen. Sterker nog, als de antwoorden geen pijn doen, dan kun je die net zo goed weglaten. Doe dan maar niks.” (naar: Peter Troxler) “Denk je aan de urgentie, denk dan aan de performatieve oplossing. Binnen MIT Media Lab (onderdeel van Massachusetts Institute of Technology) verzette men zich om wetenschapsfilosofische reden tegen de publicatieplicht van de wetenschapper, samengevat onder de oneliner: ‘Publish or Perish’. Liever sprak men van ‘Demo or Die’: zorg ervoor dat je echt gezien wordt. MIT Media Lab Director Joi Ito hield onlangs een TED voordracht waarin hij dit inhoudelijk verzwaarde tot een nieuwe oneliner: ‘Deploy or Die’. Hiermee maakte hij duidelijk dat design en wetenschap zich niet langer op de vlakte kunnen houden over betekenissen en resultaten. Er moeten echt werkende maatschappelijke resultaten komen uit wat we doen. Daarbij is het nodig dat er vrije ruimte gecreëerd wordt voor serendipity: het ontstaan van oplossingen waar in oorsprong niet naar gezocht werd (bijwerkingen)”. (naar: Peter Troxler)
  8. 8. Rotterdam Maakstad instituut voor industriële recreatie Deelnemers 'Aan de Maaktafel' van donderdag 5 februari 2015 bij Object Rotterdam voornaam achternaam organisatie rol 1 Gerbrand Bas Designlink ontwerper 2 Mirjam van den Bosch Hogeschool Rotterdam studieleider 3 Wilko Dalhuisen Albeda / Zadkine onderwijs - leider 4 Arne Hendriks Design- academy / TU Eindhoven docent 5 Jasper Kaarsemaker HMCollege docent 6 Willem Kars Design- platform Rotterdam design expert 7 Shevia Limmen studio Locomoco publicist 8 Aldje van Meer Hogeschool Rotterdam studieleider 9 Susanne Pietsch TU Delft onderzoeker 10 Ebami Tom Made in 4Havens architect 11 Peter Troxler Hogeschool Rotterdam expert FabLabs 12 Remco van der Voort zelfstandig design expert 13 Joanna van der Zanden Throwing Snowballs curator Jeroen Deckers Rotterdam Maakstad moderator en verslag Marieke Smit Rotterdam Maakstad verslag

×